image image image image image image
* * * * * *
Lees verder > +

Beluister de column

 

Maximaliseren van geld of wederkerigheid.

Onderweg van Munchen naar Schiphol moet ik in Frankfurt overstappen. Een bus brengt ons naar het vliegtuig.

Als ik de trap afloop naar de bus vraagt iemand achter me: 'Do you need help?'

Graag, zeg ik en geef mijn koffer op wieltjes uit handen aan een fraille dame, hoog gehakt op dunne zwarte beentjes. Lang zwart haar hangt losjes om haar schouders en ze ziet er ondernemend uit. Ik ben verbaasd hoe sterk ze is. Ze hijst de koffer met gemak de bus in. Als ik me afvraag : wie ik zal vragen om de vliegtuigtrap op te gaan, heeft ze mijn gedachten al gelezen: no problem. I 'll do it. We gaan over de achterste trap naar boven en komen in het nauwe gangpaadje van de city carrier van Luft Hansa. Hier wordt het duwen en trekken. Zij volgt mij vastberaden met koffer, duwt hem in de bovenruimte, en gaat zitten op haar plaats. Ik zit schuin achter haar. Hulpvaardigheid lijkt voor haar de gewoonste zaak van de wereld. Thank you so much, zeg ik, I am happy with it. Mijn indruk is: ze weet van aanpakken.

Van Frankfurt naar Schiphol is maar een goed uurtje. Ik zie haar rechtop zitten met een boekje op de knieën. Ze leest de hele weg. Ik lees ook, maar zie haar toch ook zitten, door mijn oogwimpers. Wanneer de stewardess vraagt wat wilt U drinken? Neemt ze water.

Wanneer we gaan landen zit ze met duim en middelvinger tegen elkaar. Ik denk die doet iets met energie en ik duw van de weeromstuit ook mijn duim en middelvinger tegen elkaar om te voelen wat het teweeg brengt. Er gebeurt niets bij mij, behalve denken over de titel van haar boek, die ik in een glimp opving: The monk who sold his Ferrari.

Als we de seatbells losmaken kijkt ze achterom en beduidt non-verbaal dat ze mijn koffer pakt uit de bagageruimte. Ze blijft het vanzelfsprekend vinden; ze heeft mij geadopteerd; Dit is het laatste wat ze voor mij kan doen; nu komt er geen trap meer.

In de slurf loop ik schuin achter haar. Ze intrigeert me en ik denk erover hoe ik iets kan zeggen: 'I saw the titel of your book. It sounds spiritual, the monk who sold his ferrari'. Yes, zegt ze, It is a kind of beginner's story. I was looking for something light to travel.

Spiritual development is the only thing what really interests me, for the last ten years. Me too, zeg ik. And do you make progress, vraagt ze adrem. Hier stok ik even. 'Progress, progress?'  Ik ben meer bezig met laten gebeuren, minder streven, leegte als je wilt.

Ik schakel over op een andere versnelling en vertel dat ik net gelezen heb in karmanomics van Kees Klomp, over een nieuwe economische zienswijze n.l. het maximaliseren van wederkerigheid, inplaats van geld. 'Oh, tell me. Wat does interest you?' Ze is open en zelfverzekerd. Maar dan wacht ze geen antwoord af en gaat door over haar dochters.

De oudste, 24, is op dezelfde manier bezig als zij, maar de jongste wil niets van spiritualiteit weten. Ze verwerpt het eerder. We staan op de lopende band. Ik merk haar bezorgdheid.

'Can you tell me what to do? I would like to see her happy, so much'. Wat te doen met een dochter die een andere belangstelling heeft dan de moeder en haar maar zweverig vindt? Een dochter die wil dansen en drinken en laat of niet thuis komen?

Kan ik haar hier wat in aanraden?

'Mind your step', roept de lopende band: en ik heb even tijd om mijn voeten goed neer te zetten en te voelen wat er echt gezegd wil worden. 'Mind your step' en floep weet ik:

'Jij hoeft je toch helemaal geen zorgen te maken. Een moeder die zo fijngevoelig, ingetuned en afgestemd is op anderen. Jouw dochter hoort niet alleen je woorden, maar ziet ook jouw gedrag. If you continue to do good as you did today, and for sure before, she will see it and use it for her benefit, but surely on her time'.

Plotseling zijn onze rollen omgekeerd en hoor ik haar zeggen: 'Thank you so much. I am happy with it'.

Zij verdwijnt naar de kofferband en ik loop door naar de uitgang.

Noem je dit nu maximaliseren van wederkerigheid? Of gewoon omzien naar elkaar?

Jotika

Lees verder > +

Beluister de column


April is de maand van de filosofie en staat in het teken van de ziel.

In navolging van de volkskrant zou ik ‘lang leve de ziel’ willen roepen, maar mijn roepen klinkt waarschijnlijk niet erg overtuigend. Waarom niet? Wat is de ziel en waar is ze te vinden?

Ik neem U mee naar lang vervlogen tijden toen de mensen bij de Boeddha kwamen en vroegen:

‘Meester, is de ziel eeuwig of houdt bij de dood alles op?’ Ze noemden de ziel toen Atta. Atta betekende een onafhankelijke, eeuwige entiteit en was een term uit het Brahmanisme. Boeddha antwoordde niet. De mensen bleven aandringen: ‘is atta eeuwig of houdt bij de dood alles op?’ Weer gaf de Boeddha geen antwoord. Toen ze vroegen: ‘waarom geeft u geen antwoord?’ zei de Boeddha: ‘jullie vragen naar iets dat er niet is. Jullie vragen naar het voortbestaan van atta, maar ik kan geen atta, vinden, buiten noch binnen de mens.’ Geen ziel dus geen onafhankelijke entiteit.

Er staat niet bij hoe de mensen naar huis gingen? Maar ik kan me voorstellen dat de uitspraak van de Boeddha bij sommigen insloeg als een donderslag bij heldere hemel. Toen ik dit voor de eerste keer hoorde, begreep ik niet waarover het ging. Ik kon niet vatten hoe je kon leven zonder ziel.

lichaam en ziel daarmee was ik van jongs af aan opgegroeid.

Op de r.k. lagere school tekende een zeergeleerde en vrome doctor Pastoor een aquariumbak met water er in op het bord. Boven op het witte water kwam een blauw laagje. Dat was de ziel, die er bij de geboorte ingestort werd door God. Ik meen dat het zo was. De ziel kwam van God en ging ook weer terug naar God. De ziel was anders dan het lichaam, de ziel kon je niet zien en niet vast pakken, de ziel was onafhankelijk en uniek.

Verder ging het erom de ziel mooi schoon te houden. Maar ze was meteen al vlekkerig door de erfzonde, die je bij de geboorte meekreeg, maar, er was een oplossing, door het doopsel werd de ziel weer helder.

Mijn ouders doorzagen de konsekwenties en zij droegen, net als alle andere ouders in het dorp de baby zo vlug mogelijk na de geboorte naar de kerk, om het te laten dopen. Het liefs t nog dezelfde dag. Mocht de baby iets overkomen dan was zijn toekomst in elk geval veilig gesteld. Een gedoopt kind ging naar de hemel, een ongedoopt kind naar de hel. Op het kerkhof was een hoekje, met buskes afgezet, als een aparte plek voor ongedoopte kinderen.

Toen mijn moeder begraven werd - nu 13 jaar geleden - vroeg de pastor aan de kleinkinderen: ‘En? Waar is oma nu?’ ‘ In de hemel,’ riepen ze in koor! We stonden bij het graf en ik hoorde hoe goed die kleine kinderen het wisten. Ik zelf was echter niet meer zo zeker.

Ik was al jaren bezig met andere dingen te denken.

Ik hoorde de boeddhistische leraar zeggen: ‘Life is just a proces;’ Een proces waaraan geen ziel in de zin van een onafhankelijk, goddelijk iets te pas komt.

‘You are only nama en rupa,’ dat was nog een sterkere manier van zeggen. Nama en Rupa zijn Pali woorden en staan voor het geestelijke en lichamelijke. Het woordje only bleef hangen. Enkel bewustzijn en lichaam? En de ziel dan? Dat unieke, onafhankelijke in ons , dat blauwe gedeelte in de aquariumbak, dat terug ging naar God en dat ook IK genoemd werd. waar bleef dat ik dan?

In de mist! Ik probeerde het inzicht van de Boeddha te vergelijken met wat ik geleerd had van de pastoor. Ik raakte in verwarring. Als er geen onafhankelijke entiteit, geen god te vinden is, in of buiten mij, dan is er ook geen verlosser, geen beloning of straf, , geen hemel of hel....

dan is er ook geen IK als iets onafhankelijks, en inderdaad als de boeddha het voorbeeld geeft van het menselijk lichaam, bestaande uit 32 onderdelen, dan ligt tussen al die onderdelen geen ziel of een ik. Dan is er bewustzijn en materie, die niet zonder elkaar kunnen, maar geen grootheid die van niemand afhankelijk is.

Pas toen ik de verwarring durfde te erkennen begon er wat te schuiven . Pas toen begon het begrip concept te dagen als naam of begrip. Ik en ziel en God bestaan als namen, als idee, een gedachte contructie, maar niet als een werkelijkheid die je kunt ervaren.

Oude beelden vielen van hun sokkels: Het godsbeeld werd een concept, het ik een identificatie met een gedachtenconstruktie, zgn .onfeilbare waarheden begonnen te verbleken.

ik hoorde de Boeddhistische monnik zeggen:

‘Sterven is een proces van nature to nature. Aarde gaat terug naar aarde, vuur gaat terug naar vuur, water naar water en lucht gaat terug naar lucht. Alles wat samengesteld is valt weer uit elkaar.’ Dit betreft rupa, het materiele, maar ook het bewustzijn valt weg.

Nama en rupa vallen beide weg. Er is enkel oorzaak en gevolg. Een nieuwe vorm ontstaat zolang er nog voeding is voor een nieuwe vorm. Zo niet, dan blijft over het doodloze, pure, het eeuwige NU, dat er ook al was in de tijd van de Boeddha en er altijd zijn zal.

De boeddha’s leer over an-atta, geen ziel, was confronterend voor mij . Zijn visie, deed mijn perceptie van de ziel verschuiven, van een onafhankelijke, goddelijke entiteit naar een menselijke gedachte constructie. Deze verschuiving en de aansporing om te blijven onderzoeken geven ruimte, die bij tijd en wijle zielsgelukkig maakt.

Inmiddels is op het kerkhof, de aparte plek voor de ongedoopte kinderen opgeheven.

Jotika

Lees verder > +

Herdenking Eerwaarde Mettavihari.  

Amsterdam, Werkteater 25 Maart 2012.

toespraak Peter Beart
 

Goedenmiddag,

De eerwaarde Mettavihari is al weer 5 jaar dood. Wat gaat de tijd snel, wat is alles vergankelijk. Nu zijn er slechts nog herinneringen over, die ook al aan het vervagen zijn.

Het is niet alleen dat alles verandert, maar ook dat alles verdwijnt. Als je dat af en toe tot in je botten beseft, ja, dat komt aan en komt steeds meer aan naarmate je ouder wordt.

Mettavihari besefte dat als geen ander en het was juist dit besef, denk ik, dat hem zo stralend maakte. Want dat was hij vaak: stralend, in ieder geval met die kenmerkende stralende lach van hem.

Mettavihari mediteerde al van jongs af aan en hij wist exact wat meditatie met je deed en hoe je volgens hem het mediteren wel en niet moest beoefenen. Hij had daar een ongelofelijke exactheid in, bijna als een wiskundige formule. Hij was er ook altijd erg keen op dat je niet te veel in de diepe concentratier terecht kwam. Hoe vaak zei hij niet tegen mij: ‘too much concentration, that’s only self, no vipassana.’

Dat vond ik moeilijk, want hij haalde me voordurend uit de comfort zone. Net zoals hij vroeger uit zijn comfort zone werd getrokken door zijn leraren. Ook hij vond niet leuk, dat hij telkens weer werd terugebracht naar de eerste Edele Waarheid, nl die van het lijden, onvoldaanheid, imperfectie, onbevredigdheid.

Dat heeft hem gevormd en heeft hem welzijn en diep geluk gebracht. Hij wist de eerste Edele Waarheid te realiseren door vooral de nadruk te leggen op de tweede. n.l. de oorzaak van het lijden: de gehechtheid.

Zo las Ik in zijn dhamma talk van 20 october 2005:

Als je blijft oefenen met de Vipassana, zijn er twee dingen die we gaan zien:

1-    Abhijjha: Vastkleven aan, verlangen naar, gehechtheid, verlangen naar je eigen voorkeur ( mentaal lijden)
2-    Domanassa: irritatie, walging, afkeer, ergernis, boosheid (mentaal lijden)

Als je Vipassana beoefent, begin je deze twee dingen voor het eerst goed te zien. Je ziet de voorkeur en afkeer binnen in je. Als je dat gaat zien, dan ben je met Vipassna begonnen. Je verlangt naar dingen of verlangt om iets te zijn. Of je ziet je afkeer, je ongenoegen tov jezelf, of tov anderen, of van je vriend of je omgeving. Pas als je dit herkent, ben je met Vipassana bezig.

Hij zag dat als een natuurlijke menselijke response. In Pali wordt dit putthujjana genoemd. Dat betekent menselijk, werelds. Wanneer je je voorkeuren en afkeren kunt waarnemen, dan ga je voorbij het wereldse. Dan ben je geen gewoon, werelds mens meer.

Dan is er ook geen zelf meer, dan gaat je mind richting geljkmoedigheid. Bij Mettavihari zag je ook heel duideljk dat hij dat heeft gerealiseerd. No-self, hij was in zijn hart niet pretentieus, het ego was er af gepeld. Hij was licht in hart en geest en kon in die gesteldheid voluit genieten van de dingen in het leven.

Dat maakte voor mij de leer van het Boeddhisme ook aantrekkelijk. Voordat ik Mettavihari in 1985 ontmoette, toen hij nog op de Prinsengracht woonde, was ik in Azie geweest en had al wat gemediteerd. Ik had daarvoor mijn eerste retraite gedaan. En oeh, wat was dat zwaar. Ik heb het lang moeilijk gehad met de gevolgen van die eerste retraite rond de jaarwisseling van '83-'84.

Het was die vrolijkheid, die lichtheid van Mettavihari die ik toen nodig had. En om het doel van no-self en gelijkmoedigheid – want dat geeft joy- en uiteindelijk verlichting te realiseren waren de meditatie instructies van Mettavihari heel eenvoudig. Het reizen en dalen van de buik, het lichaam met zijn prettige,neutrale en om onprettige gevoelens, het denken als 3de fundament en de conditioneringen als 4de fundament van mindfulness.

Hij stripte de 4 fundamenten van mindfulness tot zijn bare essence, kale essentie en dat gemixed met zijn nadruk of het zien van voorkeur en afkeer. Een mooie uitspraak van hem in dit verband is: ‘If you are less influenced by the pleasant and unpleasant, then you are on the right track’ zorgde ervoor dat zijn teaching pragmatisch en effectief was.

Door die uitstraling van hem- zijn charisma kun je dat ook noemen- bereikte hij veel mensen en was hij een van de belangrijkere mensen die ervoor zorgde dat het Theravada boeddhisme vaste grond onder de voet kreeg in Nederland, naast de Zen die er toen al was.

Echter het leven gaat verder en blijft oncontroleerbaar als we bv zien dat Vipassana in Amerika de basis heeft gevormd van de mindfulness beweging en zich over de wereld heeft verspreid.

Metaviharee zal alleen maar beamen no-self, no-self en ondertussen zijn eigen gang gaan

Lieve Mettavihari, misschien ben je al helemaal opgelost in Nibbana, misschien heb je nog een leven of paar levens te gaan en ben ja al lang en breed weer ergens wedergeboren- we zijn geen Tibetanen die onze oude leraren er zo uit pikken- dank je wel voor al het waardevolle wat je ons hebt gegeven, de zaadjes zijn gezaaid en de 1000 bloemen bloeien al.

Peter

 

  

Lees verder > +

Herdenking Eerwaarde Mettavihari.  

Amsterdam, Werkteater 25 Maart 2012.

toespraak Jotika Hermsen
 

Venerable Monks, Excellentie, Dierbare vrienden van Mettavihari,

Zondag 25 Maart 2007 was de dag van Mettavihari’s passing away.

Passing away klinkt als weggaan, vertrekken. Mettavihari is niet echt vertrokken.

Zijn lichaam is gecremeerd en zijn as hebben we uitgestrooid op het IJsselmeer. We zijn drie keer rondom de plek gevaren, waar de bloemetjes dreven. Mettavihari gedenkend met de woorden van de chanting:

Alles wat samen gesteld is moet weer uit elkaar vallen,

alle geconditioneerde dingen gaan voorbij,

Wanneer ze zijn verschenen verdwijnen ze weer,

hun tot rust komen betekent werkelijk geluk.              

Vandaag wil ik Achaan Chamreon hartelijk danken voor de gelegenheid om Mettavihari te herinneren, respect te betuigen en te waarderen.

Op de dag van de crematie hebben we gesproken over Mettavihari als leraar en dan in het bijzonder over het aspect van zijn eigen ontwikkeling. Hoe hij inzicht kreeg in zijn gehechtheden en zijn aversie. Hoe hij van zijn tante hield en een hekel had aan zijn leraar. Hoe hij tot zijn eigen grote verbazing de kracht van de vipassana ontdekte en inderdaad de voorliefde voor zijn tante en de aversie voor zijn leraar over elkaar heen zag schuiven en verdwijnen. ‘Nibbana is de middenweg, no liking, no disliking’ vertelde hij ons later.

Het proces wat hij zelf meemaakte deed hem besluiten zijn leven te wijden aan de verspreiding van vipassana. Zo kwam Mettavihari naar Nederland.

Op zijn 60e verjaardag schreven we met hoofdletters: WE ARE HERE BECAUSE YOU ARE HERE. Vandaag zou ik willen zeggen: WE ARE HERE BECAUSE YOU are still HERE. Zijn geest inspireert ons dagelijks.

Nu wil ik U vertellen hoe Mettavihari altijd leraar was. Niet alleen als hij officieel les gaf, maar ook in het dagelijkse leven. Ik wil dit doen aan de hand van een paar concrete voorbeelden.

Op de morgen van de brand, 5 augustus 2006 ging om half zes de bel in de Pieterspoortsteeg. Mettavihari komt de trap op en zegt: A NEW VIPASSANA EXPERIENCE. Hij vertelt over de brand aan de Papaverweg in Amsterdam-Noord. Hij is kalm en rustig.’Nu ben ik een echte monnik zonder huis. A real homeless one.’

Na een vergadering in Groningen komt Mettavihari Amsterdam binnen rijden en zoekt een plek om te parkeren. We rijden minstens drie keer de grachten rond en telkens is er geen plaats. De vierde keer, inmiddels hebben we ongeveer 20 min. rond gereden is er een plek. Het is heet en iedereen is moe. Mettavihari geeft geen kik, geen klacht, geen opmerking over hitte of parkeerbeleid. Hij is een voorbeeld in het nemen van de dingen zoals ze zich voordoen.

Ik heb van Mettavihari gezien hoe hij uren kon zitten luisteren naar de Thaise mensen. Hij leerde ze buigen, chanten, maar gaf ook advies over de sociale dienst of de woningbouwvereniging.   Hij was trooster en adviseur. Verwees altijd weer naar de dhamma. Hij was pastor en sociale werker. Mijns inziens was de hulpverlening wat je noemt all inclusive.

Mettavihari komt in Werkhoven, een klooster in de buurt van Utrecht zes uur later aan dan afgesproken. Inplaats van vier uur ’s middags komt hij ’s avonds om half tien. Ik ben een beetje ontstemd, omdat hij niets heeft laten horen. 16 yogi’s zitten de hele middag te wachten op een interview.

Vier monniken rollen uit de kleine zwarte kever. Ze hebben de weg niet kunnen vinden. Het klooster is al in diepe rust. Er is maar één klein spreekkamertje. Geen plek om ze te ontvangen. Mettavihari gaat midden in de zaal op een hoge stoel zitten en neemt interview af.

Als ik voorzichtig mijn ongenoegen probeer te verwoorden met: ‘there’s no real cooperation between us’ zegt Mettavihari: ‘Yogi’s only need to note and you should not be so fussy about time’

In de retraites herhaal ik nu regelmatig: ‘Yogi’s only need to note’.   Geduldig zijn als iemand te laat komt ben ik nog steeds aan het leren.

Iemand die veel gestolen had in de tempel komt herhaaldelijk aan de deur, vraagt om eten. Mettavihari heeft hem verboden binnen te komen, maar laat wel een zakje brood naar beneden zakken van boven uit het raam. Als ik hem een beetje vragend aankijk zegt hij:

‘Zoals je een hond niet laat verhongeren, zo kun je ook zo iemand te eten geven. Je keurt niet goed wat die persoon gedaan heeft, maar je laat hem nooit vallen. Ik verstond: Je veroordeelt de daad, maar niet de dader.

Toen mijn vader in 1988 overleed had ik Mettavihar een paar weken niet gezien. Ik zei tegen hem: ‘Mijn vader is overleden.’ Ik was erg emotioneel.   Hij antwoordde: ‘Jotika Life is just a proces.’

Iedere retraite vertel ik dit verhaal om an-atta duidelijk te maken. Het leven is een proces van fysieke en mentale verschijnselen. Enkel een proces. In die tijd kon ik zijn uitspraak niet begrijpen en was ik er niet blij mee. Maar nu ben ik blij met die uitspraak.

Als iemand stervende was heb ik gezien hoe Mettavihari sprak vanuit het niveau van de Dhamma. Hij bracht de mensen naar het niveau van de dhamma, niet de dhamma naar het niveau van de mensen.

Bij een andere gelegenheid vertelt Mettavihari aan een Thaise vrouw die gaat sterven: ‘Je gaat nog niet dood. De vrouw gelooft de monnik. ‘Zo,’ zegt Mettavihari, ‘krijgt ze een beetje langer tijd om zich voor te bereiden op het sterven.’

Mettavihar komt binnen in Naarden: Hij komt in de keuken en schaart zich achter Inez en Laura, de koks. Ik moet er ook bij komen staan. Hij verklaart: ‘We are the team.’ Hij heeft oog en waardering voor het werk van de vrijwillige medewerksters.

Tenslotte zegt Mettavihari in een interview: ‘Kamma is mijn manager.’ Hoe veel konkreter kun je zijn om de wet van oorzaak en gevolg uit te leggen?

Ik ben dankbaar voor zijn dhammatalks, maar ook voor zijn voorbeeld, hoe hij de dhamma integreerde in zijn leven. Over zijn woorden zei hij: ‘Vergeet ze zo gauw je de meditatie zaal verlaat. De teacher geeft vipassana in woord. Not the lecture is important, but your experience. Waar het omgaat is vipassana in gedrag, in actie. Je moet de woorden in je hart laten zakken en vanuit je hart spreken en handelen.

Ik wil besluiten met een tekst van Mettavihari: ‘Living In the West you have a very good life. Enough to eat, a house to live, material goods and medical care, you have all what you need. If YOU don’t forget to be mindfull you can live in Paradise. ‘

Deze woorden proberen we in praktijk te brengen. We doen het door het werk dat Mettavihari begonnen is voort te zetten. Via de vipassana retraites, in zijn geest, herhalen we ononderbroken voor onszelf en anderen: don’t forget to be mindfull.

Mogen de vruchten van de meditatie ten goede komen aan Eerwaarde Mettavihari, onszelf en alle andere levende wezens.

Sadhu, sadhu, sadhu.

Lees verder > +

Zondag 25 Maart 2012 was het precies vijf jaar geleden dat onze leraar, Eerwaarde Mettavihari overleed. Meer dan 200 Thaise mensen en een tiental Nederlanders waren samen gekomen in Het Werkteater in Amsterdam om dit feit plechtig te herdenken.

De Thaise ambassadeur opende de ceremonie met het aansteken van de kaarsen.

De monniken van Landsmeer hadden collega monniken uit Waalwijk, Noorwegen, Duitsland, Engeland, Frankrijk en Thailand uitgenodigd. Zij herdachten Mettavihari met een gezamenlijke chanting.

Daarna werd er eten aangeboden aan de monniken en aan alle aanwezigen.

Na het eten werd Jotika uitgenodigd om de kaars te ontsteken bij de foto van Eerwaarde Mettavihari.

Jotika, Henk van Voorst en Peter Baert hebben daarna Eerwaarde Mettavihari herdacht. Ieder op eigen wijze. De teksten vindt U hieronder.

Ter afsluiting hebben drie monniken met elkaar gesproken over het testament van Eerwaarde Mettavihari namelijk dat hij graag een Thaise tempel wilde stichten in Nederland. Er zijn serieuze plannen voor de bouw van een tempel.

Het was een inspirerende en vooral gezellige dag. De gastvrijheid van de Thai is onvolprezen. Samenzijn in respect en dankbaarheid voor wat Eerwaarde Mettavihari ons gebracht heeft werkte hartverwarmend en verbindend. Mogen allen die aan deze dag meegewerkt hebben gelukkig zijn en in vrede leven.

Jotika

 

Aanmelden
Lees verder > +

Beluister de column


Het thema van de BOS radio is deze maand geweld en geweldloosheid.

Op het eerste gezicht denk ik, ik heb er niet veel mee te doen. Gelukkig niet. Ik voel me veilig hier, het dorp is rustig en de mensen zijn aardig. Een lotje uit de loterij. Maar toch, waarom voelde ik me gisteren dan zo machteloos?

Gewoon achter de computer? bij het zien van een You tube filmpje over ‘The story off stuff.’

In een paar minuten zag ik de bergen vergif langskomen, die ingespoten worden als medicijn, als bestrijdingsmiddel, of als conserveringsmiddel. Het voedsel dat gemanipuleerd is van plofkip tot radio actief besmette vis. De toename van kanker, de borstvoeding die niet veilig meer is.

Het opzettelijk vervaardigen van goederen met een korte levensduur, kleding, en apparaten, die voortdurend moeten wisselen om het koopgedrag op gang te houden. De straling van technische apparaten. De vuilnisbakken die uitpuilen.

Het aantasten van de natuurlijke levensbronnen: bomen, bergen, water, lucht, de geweldige bossen van Amerika die tot 40 % geslonken zijn.

De niet ophoudende reclame, die zegt als je dit koopt ben je geslaagd en bij de tijd en die je onderhuids laat weten als je dit niet hebt doe je jezelf tekort en mis je de boot.

De voortdurende cirkel van moeten werken om te kunnen kopen, zodat je mee telt in de volwassen wereld en tegelijkertijd geen tijd meer hebt voor vrienden, familie, vrije tijd, en creatief zijn.

Meer dan ooit bezitten we aan goederen, maar we zijn minder gelukkig.

Hoe ziet geweld eruit anno 2012? Hoe complex is dit probleem? Ik voel mijn keel dichtknijpen. De hele wereld lijkt op een geheime samenzwering van belangen en uitbuiting. Van geweld dus, zowel materieel als psychisch, waar ik geen vat op kan krijgen. Kunnen we hier spreken van een verborgen, eigentijdse slavernij? Het begin is moeilijk te achterhalen. Je kunt immers niemand persoonlijk aan wijzen En .... ben ik naast slachtoffer ook geen dader door mijn leefwijze? Ik jaag ook op koopjes en wil erbij horen.

Van de Boeddha hoor ik het volgende:

Eerst komt het denken, het is de denkende geest die de wereld bestuurt.

De wereld is de schepping van de geest.

Wie spreekt of handelt met een verdorven geest, hem volgt leed, zoals het wagenwiel de voet van het trekdier. dhammapada vers 1.

Wie daarentegen spreekt of handelt vanuit een zuivere geest, hem volgt geluk, zoals een schaduw die niet van hem wijkt. dhammapada vers 2

Dit gaat over denken, over de heilzame en onheilzame gevolgen. Dit gaat over denken dat uitgaat van een afgescheiden, ik gericht perspectief of dat uitgaat van een wij, een verbondenheids perspectief.

Het ik-gerichte denken uit zich in jacht naar bezit, in altijd meer willen hebben, in boosheid, omdat je niet krijgt wat je wilt hebben, in beslissingen die worden beinvloedt door baatzuchtige motieven.

Het wij gerichte denken uit zich in kunnen afzien van overdaad en tevreden zijn met wat je nodig hebt. In vriendelijkheid die niet uit is op eigen gewin, en een hart dat geraakt wordt door het lijden van de ander.

Het verschil is niet gering. De verandering in orientatie is ook niet gering.

Zonder bescheidenheid zal het niet gaan. Zonder integriteit zal het ook niet gaan,

Maar als we de woorden van de Boeddha beginnen te begrijpen gaan er panelen schuiven. Van Ik naar wij, van benauwd naar vrij.

Lees verder > +

Overdenking bij Afscheid van Ina Wind. Bestuur Zeegse 19/2-’12.

We zitten in een kring rondom een rond tafeltje met bloemen en kaarsen en een kleine Boeddha. Stukje voor Stukje overwegen we de hiernavolgende tekst. Gebaseerd op Ajahn Chah’s: Ons echte thuis.

De boeddha heeft gezegd dat rijk of arm jong of oud, mens of dier, geen wezen op aarde zich in, wat voor staat ook, voor lange tijd kan handhaven: alles en iedereen ervaart verandering en verval. Dit is de werkelijkheid van het leven waaraan wij niets kunnen veranderen.

Maar de Boeddha heeft ook gezegd wat we wel kunnen doen: het lichaam en de geest beschouwen teneinde hun onpersoonlijk karakter te zien. Te zien, dat geen van tweeen ’mij’ is, of ‘van mij’. Zij zijn slechts een voorlopige werkelijkheid. Net als met dit huis, het is alleen in naam van jou, je kunt het nergens mee naar toe nemen. Zo is het ook met onze rijkdom, met onze bezittingen, met onze familie-zij zijn alleen van ons in naam, zij behoren ons niet werkelijk toe. Zij behoren zichzelf toe of de natuur.

Het is de historische Boeddha van vlees en bloed, die het pad van de volledige bevrijding is gegaan. De ware Boeddha, de Boeddha die zuiver stralend weten is, die Boeddha kunnen ook wij nu ervaren .

Daarom laat gaan, leg alles neer, met uitzondering van het weten. Laat je niet afleiden door beelden of geluiden die in de geest opkomen. Leg ze allemaal neer, houdt niets meer vast. Verblijf alleen in ongedeelde aandacht. Maak je geen zorgen over verleden of over toekomst. Zie dat niets blijvend is. Er is niets om je aan vast te houden of te hechten. Als je op deze manier kunt kijken zal je hart vrede vinden.

Als je graag langer wilt leven zal dat je lijden bezorgen, als je graag zeer snel dood wilt gaan is ook niet juist. Omstandigheden behoren ons niet toe, zij volgen hun eigen natuurlijke wetten.

De boeddha zei:
Alle geconditioneerde dingen gaan voorbij,
ontstaan en vergaan is hun natuur.

Wanneer ze zijn verschenen verdwijnen ze weer, hun tot rust komen betekent werkelijk geluk.

Hier zijn er tranen, glimlachen, vasthouden en doorgaan. Woorden van dankbaarheid over en weer.

Metta bede:
Moge ik in staat zijn met mededogen en gelijkmoedigheid de gebeurtenissen in mijn leven tegemoet te treden.
Moge ik in staat zijn de vruchten van mijn voorbije kamma met een open hart te ontvangen.

Sadhu, sadhu, sadhu.

Lees verder > +

Beluister de column


Ach, we zijn als wuivend graan, we zijn gekomen om te gaan.

De telefoon gaat en Ina vertelt me dat ze slecht nieuws heeft.

De dokter heeft gezegd dat in de linker long een tumor zit en in de rechter uitzaaiingen. Operatie is niet meer mogelijk. We zijn ons rot geschrokken, zegt ze.

Ik schrik ook en kan het niet geloven. Jij, Ina?

Overkomt jou dit?

Jij hebt nooit gerookt, je hoort niet tot de risicogroep, ach zeg ik, dit zijn woorden die er niet toe doen; loze woorden. Sorry, er valt een stilte...

De eerste week na dit bericht, wil Ina alleen zijn met partner, kinderen en kleinkinderen.

In de retraite spreek ik over afscheid nemen, ik heb ‘t over wuivend graan, gekomen om te gaan. We ontsteken een kaars als teken van verbinding. Hoe ik het ook wendt of keert een bericht zoals dit triggert natuurlijk wat er werkelijk in me leeft: een onprettige booschap, die hoor ik liever niet.

Dit wil je niet waar hebben en mijn geest, verbant de werkelijkheid naar het land der dromen. Het voelt als een droom. Een droom waarin blijvendheid een belangrijke rol speelt. Ik wil Ina niet kwijt. Ik wil nog even mijn droom koesteren

Het is dominee Suurmond die me wakker schudt met zijn eigen verhaal over kanker. Hij noemt de tumor de grote onthechtster, want kanker onthecht je van wat altijd zo vanzelfsprekend van jou was: jouw borst, jouw ogen, jouw gezondheid, jouw leven.

Zijn woorden doen me direct aan Boeddha denken, waar die zegt: Wat niet van jou is moet je loslaten. Je vraagt je dan meteen: wat is niet van mij? Nou, zegt de Boeddha: je oog is niet van jou.

Is het oog niet van mij. Als het oog niet van mij is van wie is het dan wel? Van zichzelf zegt de Boeddha. Het is niet jouw bezit.

En wat voor het oog geldt , geldt ook voor oor en neus en tong en het hele lichaam. Ook voor longen? Ja, ook voor longen. Ook longen moet je loslaten. Ook longen zijn van zichzelf en maken hun eigen proces door.

Zou ik dit Ina kunnen zeggen?

Inmiddels zijn we 10 dagen verder en kan ik haar bellen. Ik weet niet hoe ze ervoor staat, misschien is ze wel heel verdrietig.

Dag Ina, wat fijn je stem te horen. Ja, dat vind ik ook.

En dan gaat ze in één stuk door:

Ik sta op scherp, ben ieder ogenblik aanwezig. Dit is nog nooit zo sterk geweest. Ik besef dat ik alles moet loslaten en dat gaat, maar wat ik heel moeilijk vind is het loslaten van alle liefde en warmte, die naar me toe komt.

Dat snap ik, je bent geliefd van alle kanten. Maar je mag ervan genieten terwijl je leeft in het hier en nu.

Ja, iets anders is er niet. Ik kan niet vooruit kijken, de dokter spreekt over een paar maanden. Wat zijn een paar maanden? Maar ik hoop nog op een wonder. Mensen zeggen je moet blijven geloven in het wonder. Een wonder waardoor alles plotseling kan veranderen.

Zeg me: hoe kan ik de realiteit van een paar maanden kombineren met geloven in een wonder?

Voorzichting opper ik: hoe zou het zijn om bij de realiteit te blijven? Bij wat er nu is. Ook het wonder gebeurt in het NU. In het Hier en Nu leven in aandacht, zonder konflikt.

Ze lacht door de tranen heen: Mijn partner verdraagt zelfs de geur van hyacinthen; de vensterbank staat er vol van; vroeger kon ze die geur niet verdragen. It’s like paradise zegt ze en ik voel me bevoorrecht.

Ik hoor hoe gelukkig ze is, en vraag me af of ik zal zeggen: ook dit gaat voorbij. Nee, besluit ik, laten we voor medevreugde gaan. Voorzichtig opper ik: ‘Lucky you Ina, Jij hebt de Divine messengers verstaan. De drie goddelijke boodschappers: ouderdom, ziekte en dood. Ze zijn bij je langs gekomen en je hebt de deur open gehouden en voelt je bevoorrecht.

‘Ik doe het niet, zegt ze, het gebeurt. Ik zit in een heel bijzondere periode van mijn leven. De afronding. Ik heb nog nooit zo intens geleefd. Nog nooit zo intens van moment tot moment geleefd in aandacht. Ik huil van ontroering en van geluk.

Lieve Ina, lieve vriendin en corrector van de colums, secretaris van sanghametta vanaf het eerste uur, schrijfster, raadgeefster, enz.wat vloeit je hart over: je laat me zien, hoe iedere moeilijkheid een mogelijkheid in zich draagt, hoe kanker de geest zacht maakt, en de naderende dood mededogen oproept. Hoe we in kwetsbaarheid verbonden zijn. Laat me even bij je zitten, dat is genoeg, want

we zijn als wuivend graan, gekomen om te gaan.

Lees verder > +

Beluister de column


67 Miljoen of een Glimlach?

2011 is een drempel verwijderd en geschiedenis.

Plotseling is er een nieuw jaar, een getal op de kalender, een uur op de wijzerplaat. Vreemd toch? Er gebeurt verder niets maar in ons hoofd hebben we dat bedacht. Twaalf slagen van de klok en we zijn zenuwachtig, heffen het glas en knallen het vuurwerk de lucht in. Dat was het dan. Het ging ge- paard met melkbussen en carbid, niet van dat benauwde, een slordige 67 miljoen.

‘Old year, new year. Present moment always here.’ Dit is een uitspraak van Mettavihari, onze geliefde leraar. Het gaat om present moment. Present moment always here. Vandaag is het resultaat van gisteren en straks wordt gemaakt door Nu.

In andere bewoordingen hoorde ik, dat wat voorbij is, is voorbij. Voorgoed en defi- nitief. Nooit tevoren was het zo sterk tot mij doorgedrongen dan toen U Nandamala, een monnik in Birma, de werking van de geest uitlegde en ons probeerde duidelijk te maken hoe een bewustzijnsmoment opkomt en onmiddellijk weer weg valt. Dat wat wegvalt, is voorgoed verdwenen, zei hij. Dat moment komt niet weer terug. Het is voorgoed en voor altijd weg, inclusief de kleur die wij het meegeven. Heil- zaam of onheilzaam. Vriendelijk of onvriendelijk, we kunnen er niets meer aan ver- anderen. Wat voorbij is is voorbij.

Het laat alleen zijn sporen achter in dat wat er op volgt, in dat wat er Nu opkomt, zoals duidelijk wordt in het verhaal van Mary Siegel op ‘youtube.com’. Ze vertelt hoe jouw glimlach in de vroege morgen naar de voetganger op het zebrapad doorwerkt naar de verkoopster in de HEMA en daarna naar een oude man, die iets zoekt voor zijn kleinkind. Van die oude man gaat het naar de ober, die hem een kopje koffie brengt en daarna naar de vrouw van de ober en daarna is het nacht en zijn de mensen heel gelukkig. Allemaal door die glim- lach van jou daar op het zebrapad. De wet van oorzaak en gevolg. 
In mijn herinnering zit oma aan een hoge tafel. Ze wrijft met de hand over het pluche tafelkleed, met de vleug mee en tegen de vleug in. Ze draagt een gekleurd schort en heeft een theepot onder bereik. Als je komt is het goed, als je gaat is het ook goed. Ze heeft je niet per se nodig. Een tevre- den gezicht vol rimpels. Als ik Nu een voorbeeld zoek van vriendelijkheid komt zij van Toen in mijn gedachten. Ze glimlacht.

Vandaag is het resultaat van gisteren en straks wordt gemaakt door Nu.

Nelson Mandela wordt de man met de glimlach genoemd en die glimlach opent wereldwijd deuren voor hem. Onze acties hebben dus gevolgen.

Het enige dat werkelijk telt is het NU. Het NU dat altijd nieuw is, het Nu dat altijd Hier is. Ieder nieuw moment hier en Nu.

Hoe ga ik er mee om? Welke kleur ga ik het meegeven? Wat is voor jou de beste deal? Geef de glimlach in jou, een kans. Glimlach naar de ander , maar ook naar jezelf. Want een oprechte, ongeveinsde glimlach werkt voelbaar ontspannend, gaat niet samen met boosheid of eigen belang en komt voort en voert naar een tevreden hart.

Als wij dit kunnen doen, kost het Nieuwe jaar ons, gegarandeerd, zelfs minder dan een miljoen.

 


Lees verder > +

Sangha Metta ontving op 17 december bericht van het overlijden van Sayadaw U Kundala:Sayadaw U Kundala

"I am sorry to inform you that our Sayadaw, Saddhammaramsi Sayadaw (Sayadaw U Kundula) had passed away peacefully at 7:35 am (Myanmar Standard Time) today (16.12.2011)

Daw Than Than Nyein"

Jotika laat weten dat de crematie zal plaatsvinden in de namiddag van 22 December.

Een bijzonder wezen is van ons heengegaan. Zijn grootheid was zijn gewoonheid. Het voelt echter voor mij alsof alle kwaliteiten die we hem toedichten  ontoereikend zijn. Ieder van ons ervoer een intense vrede om hem heen. Zijn blik was onuitsprekelijk vriendelijk. In Myanmar noemden de mensen hem de metta-monnik.

Laten we in stilte Boeddha's woorden overwegen:

Alles wat geboren wordt moet sterven
Alles wat samengesteld is valt weer uit elkaar

"Nibbana  is vredig, het is subtiel,
alle samengestelde dingen komen tot rust,
Alle onzuiverheden vallen weg,
Er is geen begeerte meer naar zintuiglijke voldoening

noch naar bestaan of niet bestaan,
Er is totale onthechting van geconditioneerde dingen,
er is ophouden er is doorsnijden
er is ongeconditioneerde werkelijkheid"

Vanuit een dankbaar hart voor het voorrecht deze doorschijnende figuur  te hebben mogen ontmoeten, vredevolle dagen toegewenst,

Jotika Hermsen

Meer artikelen...

  1. Heb ik genoeg?

Pagina 1 van 2